2.1 Theorie

Radarcontrole in Brazilie

Het vermogen tot bewegen is iets dat voor ons zo vanzelfsprekend is, dat we er nauwelijks over nadenken. Afgezien een verkeersboete voor te snel rijden. “50 kilometer per uur is 50 kilometer per uur, meneer!”, zei de agent. Maar hoe kan die agent weten dat ik 60 kilometer in een uur reed, terwijl hij een meting heeft uitgevoerd die een fractie van een seconde heeft geduurd?

Bewegingen beschrijven

Als je beweegt, verplaats je jezelf over een bepaalde afstand. Dat kost tijd. De SI-eenheid van snelheid is niet voor niets meter per seconde: Hoeveel meter (=afstand) heb je in 1 seconde (tijd) . afgelegd?

Snelheid vertelt iets over het tempo waarmee een beweging plaatsvindt.
De officiele eenheid van snelheid is de meter per seconde. Dit kun je afkorten als m/s.

Bewegingen kun je op allerlei manieren beschrijven: met een filmpje, met een theatervoorstelling, met een stripverhaal. Omdat je in de Natuurkunde probeert voorspellingen te doen maken we voornamelijk gebruik van diagrammen en berekingen.

Diagrammen

Hiernaast zie je snelheidsgrafiek van een raceauto. Je kunt uit die grafiek heel veel informatie afleiden.

De raceauto heeft een constante snelheid tussen  0 en 10 seconden. Een constante snelheid is een snelheid die niet verandert. Daarom is ook tussen 40 en 50 seconden sprake van een constante snelheid. De snelheid is daar op ieder tijdstip 0 m/s.

De snelheid van de auto verandert tussen de tijdstippen XXXX en XXXX. Als de snelheid van een voorwerp verandert, spreek je van een versnelling. Tussen XXXX en XXXX verandert de snelheid ook! Omdat de snelheid daar afneemt; spreken we toch van een bijzondere versnelling: vertraging.

Grafieken onderzoeken

Door een grafiek te onderzoeken kun je veel extra informatie achterhalen. Een manier om een grafiek te onderzoeken is door jezelf af te vragen wat er met de beweging gebeurt tussen twee tijdstippen.

Hieronder zie je twee grafieken,  Links zie je de snelheidsgrafiek; rechts de

Grafieken onderzoeken.

Definieren vormen en beschrijven wat er gebeurt

Zelf vormen kunnen afleiden en voorspellen.